“Vandaag ga ik jullie iets vertellen over ‘leren leren,’” zeg ik tegen de klas voor mijn neus. ‘Dat is een hoop leren, mevrouw!’ zucht een leerling op de eerste rij. ‘Ik word er nu al moe van…’
Als ik uitleg dat ik ze juist tips ga geven waarmee ze slimmer met hun energie kunnen omgaan tijdens het leren, gaat ze weer iets rechterop zitten. En precies daar gaat “leren leren” eigenlijk over: niet harder werken, maar slimmer werken.
Tijdens de les bespreken we verschillende leerstijlen, het nut van pauzes en vooral het belang van slaap. Want voldoende slapen, en vooral op tijd gaan slapen, is niet vanzelfsprekend voor leerlingen van 13/14 jaar.
Ik vertel ze: “Je brein is net als een batterij. Als hij bijna leeg is, komt er niet veel meer in of uit. Tijdens het slapen laad je je brein weer op.”
Om het iets herkenbaarder te maken, vergelijk ik het met een elektrische fiets.
“Hoe leger de accu is, hoe minder ondersteuning je krijgt tijdens het fietsen. Met je hersenen werkt het eigenlijk precies zo.”
De klas knikt begrijpend. Al vermoed ik dat sommigen vooral denken aan hun eigen lege batterij op maandagochtend.
Daarna hebben we het over slapen. Want pubers en op tijd naar bed gaan… dat blijft een ingewikkelde combinatie.
‘Wie weet wat melatonine is?’ vraag ik.
Geen enkele vinger gaat omhoog.
Ik leg uit dat melatonine een stofje is dat ervoor zorgt dat je slaperig wordt én beter doorslaapt. Vervolgens vertel ik dat schermlicht invloed heeft op die melatonine.
“Als je ’s avonds vlak voordat je gaat slapen nog uitgebreid op je telefoon zit, breek je zelf melatonine af. Daardoor val je minder makkelijk in slaap en slaap je vaak ook minder goed door.”
Ineens wordt het opvallend stil in de klas. Een paar leerlingen kijken voorzichtig naar hun schooltas, waar hun telefoon in zit.
Aan het einde van de les kunnen ze verrassend goed terugvertellen wat we hebben besproken. Nu is het vooral hopen dat ze de tips straks ook echt gebruiken tijdens de toetsweek.
Want soms levert een extra uur slaap meer op dan een extra uur leren.